Deze website maakt gebruikt van cookies om instellingen te onthouden en om de website beter op uw behoeften af te stemmen. Klik hier voor meer informatie over cookies.

Ja, ik ga akkoord Nee, ik ga niet akkoord X
Boskalis jaarverslagen 2012

Milieuvriendelijk materieel

De International Maritime Organization (IMO) stelt regelgeving vast om scheeps­emissies verder terug te dringen. De Europese Unie neemt in de Marine Strategy Framework Directive ook een aantal maatregelen om scheepsemissies terug te dringen. Tegelijkertijd heeft een aantal grote havens in de wereld de Environmental Ship Index geïntroduceerd. Zij belonen schonere schepen met kortingen op de havengelden. Hierover voeren wij via de (inter)nationale brancheverenigingen zoals de European Dredging Association (EuDA) en de Vereniging van Waterbouwers overleg met de autoriteiten en brengen wij onze technische kennis in om emissies meetbaar te maken. Op deze manier zetten wij ons in om voor onze industrie tot realistische regelgeving te komen die breed gedragen wordt. We anticiperen op wetswijzigingen en scheppen de voorwaarden voor een snelle implementatie door te investeren in een uitgebreid R&D-programma.

Taskforce Energy Management

Onze Taskforce Energy Management volgt ontwikkelingen van de (inter)nationale wet- en regelgeving op het gebied van emissies nauwlettend en initieert energie­besparingen en emissiereductie-initiatieven door innovaties in materieel en werk­technieken. De Taskforce staat onder leiding van een lid van de Raad van Bestuur en bestaat onder meer uit specialisten en professionals uit de Offshore Energy en Dredging divisies. De Taskforce vervult een coördinerende rol, bundelt kennis en best-practices en bevordert de interne bewustwording. In sectorverband werkt de Taskforce mee aan het ontwikkelen van een industriestandaard voor de baggervloot voor het meten van de CO2-uitstoot per productie-eenheid. In 2014 is de Taskforce eenmaal bijeengeweest en zijn er wederom diverse initiatieven uitgezet. Onderstaand treft u een overzicht aan van maatregelen op onze vloot die in 2014 en in de afgelopen jaren in bijeenkomsten van de Taskforce zijn besproken. Een aantal is het resultaat van de Meet the Buyer bijeenkomsten (zie pagina’s 26-27 in dit verslag).

Maatregelen op onze vloot

Ons nieuwe materieel voldoet aan de hoogste eisen op het gebied van energieverbruik. Ook uit bedrijfseconomische overwegingen maken we maar mogelijk ons bestaand materieel duurzamer. Al dan niet samen met leveranciers, branche-organisaties, kennisinstituten en NGO’s blijven we ons inspannen voor:

Toepassing van schonere en zuinigere voorstuwingsinstallaties en schonere brandstof

Voorbeelden zijn:
  • De proef met biodiesel op vrachtwagens van Boskalis Nederland in 2014 is goed verlopen. We hebben 250.000 liter van deze innovatieve brandstof afgenomen en daarmee de markt voor leverancier SkyNRG verbreed. De toepassing van deze schonere brandstof heeft ertoe geleid dat er op 250.000 liter brandstof 148MT CO2 is bespaard, de NOx-uitstoot met 10% is gedaald en de SOx- en fijnstofuitstoot met 30% is afgenomen.
  • Partnerschap met SeaNRG, een zusterinstituut van SkyNRG, dat we begin 2015 zijn gestart. SeaNRG richt zich op de ontwikkeling van een ‘drop-in’ biobrandstof voor de scheepvaart die aan de hoogste duurzaamheidseisen dient te voldoen. Er liggen plannen om gezamenlijk een pilotproject op te starten.
  • De proef met GTL op een van onze sleepboten in de Rotterdamse haven is geslaagd. De toepassing van deze schonere brandstof heeft ertoe geleid dat de NOx-uitstoot gemiddeld met 9,5% daalt en kan daarmee een substantiële bijdrage leveren aan de NOx-reductiedoelstellingen van de haven van Rotterdam.

Toepassing van energiebesparende maatregelen

Voorbeelden zijn: 
  • In 2014 is een start gemaakt met de performancetesten van de grotere baggerschepen. We onderzoeken hoe goed een sleephopperzuiger presteert ten opzichte van de norm en wat de oorzaak is als de performance achterblijft. Op basis van deze analyse nemen we waar nodig verbetermaatregelen die tegelijkertijd leiden tot een betere milieuprestatie. We willen deze performancetesten gaan uitvoeren voor alle schepen in onze vloot.
  • Voor de komende jaren is een plan gepresenteerd om de energie-efficiënte van de schepen te verbeteren. Het doel is een zo efficiënt mogelijk gebruik van installaties (koeling, ventilatie, airco) en verlichting aan boord. De investeringen die hiermee gemoeid zijn, kunnen we in enkele jaren terugverdienen door energiebesparing. De toepassing van duurzame ledverlichting leidt daarnaast tot minder materiaal­verbruik, lagere onderhoudskosten en minder transport van vervangingsmateriaal.

Een duurzaam ontmantelingsbeleid

In 2013 zijn we door het Shipbreaking Platform met ons duurzame sloopprogramma onderscheiden als industry leader. In 2014 hebben we ons partnerschap met een werf in Mexico, Ensenada verder vorm gegeven waarbij we kennis hebben ingebracht om middels een intensieve samenwerking de werf te laten voldoen aan onze eisen (zie ook de thematekst op pagina’s 6-7).

Cradle-To-Cradle, recycling en afval

Met de Beelen Groep hebben we een geborgd proces tot stand gebracht om versleten drijvende baggerleidingen te recyclen. Daarnaast hebben we cradle-to-cradle ketens ingericht met gieterijen Van Voorden, Allard en Magotteaux voor versleten waaiers en baggerpompen en met Vosta voor snijkoptanden (zie ook de thematekst op pagina’s 62-63 van dit verslag). Sinds de aanvang van dit traject is ruim 2,7 miljoen kilo materiaal retour geleverd en hergebruikt. We voldoen aan de IMO MARPOL voorschriften waarbij afval niet overboord mag worden geloosd tenzij het een gespecificeerde uitzondering betreft. Onze schepen groter dan 400gt hebben een afval managementplan waarin alle acties waarbij afval weggegooid of verbrand is, worden opgenomen in een ‘Garbage Record Book’. De havens die wij aandoen hebben de verplichting dit afval op te nemen.

Verantwoordelijk gebruik van water

We gaan verantwoord om met ballastwater. In 2014 zijn twee pilots gestart met innovatieve behandelingssystemen. In een volgend CSR-verslag zullen wij daar over rapporteren.

Stimuleren van bewustzijn van onze medewerkers

Ook in 2014 is er voor de vloot-staf, samen met de NGO Pro Sea, een Marine Environmental Awareness-training gehouden waarin onder andere wordt stilgestaan bij de marine ecologie, verantwoord afvalbeheer, ballastwaterbehandeling en emissies. Het programma is aangepast op de Dredging situatie.

Resultaat Co2-prestatieladder 2014

Net als de afgelopen vijf jaar heeft Boskalis Nederland zich in 2014 gecertificeerd op de CO2-Prestatieladder; voor de derde achtereenvolgende keer op het hoogste niveau (5) van deze Ladder. Het certificaat dekt alle bedrijfsonderdelen die werkzaam zijn voor de Nederlandse markt. De CO2-Prestatieladder is een instrument dat in Nederland wordt ingezet door overheidsorganisaties en het bedrijfsleven om bedrijven die deelnemen aan veelal complexe aanbestedingen te stimuleren tot CO2-bewust handelen in de eigen bedrijfsvoering, bij de uitvoering van projecten én in de keten. Het basisprincipe van de Ladder is dat inspanningen van bedrijven, op het gebied van energiebesparing, efficiënt gebruik van materialen en duur­zame energie, worden gehonoreerd. De trede die een bedrijf heeft bereikt op de CO2-Prestatieladder vertaalt zich in een gunningsvoordeel: hoe hoger de trede op de Ladder, hoe meer voordeel het bedrijf krijgt bij de gunningsafweging.

Boskalis Nederland voert een brandstofreductiebeleid voor het bedrijf en op de projecten. In 2014 is hier op verschillende manieren op ingezet; zo is er onderzoek uitgevoerd naar de brandstofefficiëntie van het materieel door het brandstofverbruik te analyseren in relatie tot de productiviteit. Ook heeft er een campagne plaatsgevonden waarin machinisten en uitvoerders op de projecten persoonlijk zijn benaderd, waarbij gedrags­verandering centraal stond. Aan deze acties wordt in 2015 een vervolg gegeven. Tevens is Boskalis Nederland als initiatief­nemer betrokken bij een innovatief ontwikkelingsproject binnen het Ecoshape-programma ‘ecosystem-based CO2-footprinting’. Hierin werken we met verschillende partners samen aan de ambitie om in 2020 waterbouwprojecten mogelijk te maken met een CO2-balans die, over de gehele levensduur, 20% gunstiger is dan de conventionele aanpak, door al in de ontwerpfase rekening te houden met de CO2-uitstoot van het materieel, de relevante aspecten van het wingebied en het betreffende ecosysteem.

Meer informatie over de activiteiten van Boskalis Nederland op het gebied van duurzaamheid en op de CO2-Prestatieladder is te vinden op www.boskalis.com/nederland.

CO2-emissies in 2014

Boskalis meet en rapporteert over de totale CO2-uitstoot van de vloot op basis van het brandstofverbruik. Door het ontbreken van een eenduidige meetnorm kan de relatieve uitstoot per productie­eenheid nog niet zinvol worden uitgedrukt. Daardoor zijn de jaarlijkse verbruiksrapportages, nog los van de effecten van acquisities en desinvesteringen, moeilijk met elkaar te vergelijken. Een complex van factoren speelt daarbij een rol. Onze bagger- en offshorevloot bestaat uit verschillende scheeps­types. Ook de inzet van modernere of juist oudere schepen en de bezettingsgraad van de vloot zijn van invloed op het brandstof­verbruik in een jaar. Bovendien kan de aard van de projecten voor een vertekend beeld zorgen. Een snijkopzuiger die bijvoorbeeld in het ene jaar op projecten heeft gewerkt met veel harde grond, kan het andere jaar een veel geringer brandstofverbruik laten zien door werkzaamheden in minder harde grond. Een vergelijking van het absolute brandstofverbruik zegt dus onvoldoende over de kwaliteit van onze milieuprestatie. Het koppelen van een kwantitatieve doelstelling aan het jaarlijkse brandstofverbruik zien wij daarom op dit moment als niet zinvol. Ook bij Dockwise is de rapportage complex vanwege verschillen in vlootsamenstelling, leeftijd van de vaartuigen, bezetting van de schepen, afgelegde afstanden en welk soort vracht is vervoerd. Al deze aspecten zijn van invloed op het energieverbruik van de vloot. Om een afgewogen rapportage te kunnen presenteren over ons brandstofverbruik en onze CO2-emissies spant Boskalis zich in om binnen de sector tot overeenstemming te komen over een industriestandaard voor CO2-uitstoot per productie-eenheid. Boskalis is in Nederland via de Vereniging van Waterbouwers (de Nederlandse brancheorganisatie) in gesprek met Rijkswaterstaat over de toepassing van een rekenmodel specifiek voor kust­suppletie-projecten. We hebben voorgesteld om het brandstof­verbruik van de allergrootste schepen (de hopper, de cutter, de backhoe) als uitgangspunt te nemen en dat te vergelijken in een tender. De aanbieder die bewijst de laagste hoeveelheid brandstof te verbruiken, krijgt de hoogste fictieve korting. Dit voorstel neemt Rijkswaterstaat in overweging.

Totale groepsuitstoot

De totale uitstoot van de groep kwam in 2014 uit op 1,59 miljoen ton CO2 (2013: 1,35 miljoen ton CO2). Deze toename wordt verklaard door een hoge bezetting van de snijkopzuigers bij Dredging en een sterke toename bij Offshore Energy als gevolg van de in maart 2014 overgenomen activiteiten van Fairmount en een druk jaar bij Dockwise.

Dredging & Inland Infra

De totale uitstoot bij Dredging & Inland Infra bedraagt 562 duizend ton (2013: 521 duizend ton) en deze wordt voor circa 94% verklaard door de traditionele sleephopperzuigers en snijkopzuigers. De toename van 8% wordt per saldo verklaard door de volgende elementen:
  • Terwijl de bezetting van de algehele hoppervloot afnam tot 40 weken (2013: 44 weken), is de omvang van de vloot in 2014 toegenomen. Aan het begin van het tweede kwartaal is de sleephopperzuiger Fairway (35.500 m3) opnieuw in de vaart genomen en medio juni is een nieuwe sleephopperzuiger Strandway (4.500 m3) eveneens in gebruik genomen. Per saldo is daarmee de uitstoot van de hoppervloot ten opzichte van 2013 met 2% toegenomen;
  • De bezetting van de cuttervloot is in 2014 onder invloed van enkele grote cutterprojecten fors toegenomen tot een niveau van 36 weken (2013: 16 weken). Als gevolg hiervan is de totale uitstoot van de snijkopzuigers in 2014 met bijna 140% toegenomen.

Offshore Energy

De CO2-uitstoot van de Offshore Energy-vloot bedraagt 936 duizend ton in 2014 (2013: 727 duizend ton). Deze toename wordt volledig verklaard door de volgende elementen:
  • De in maart 2014 geacquireerde schepen van Fairmount worden vanaf die datum voor het eerst in de rapportage meegenomen;
  • De Dockwise-vloot was in 2014 zeer goed bezet en het vlaggenschip de Dockwise Vanguard was geheel 2014 inzetbaar (2013 drie kwartalen);
  • In 2014 is een aantal nieuwe schepen in de vaart genomen waaronder de Ndeavor, Smit Sentosa en Smit Seraya.

Towage & Salvage

De CO2-uitstoot van Towage & Salvage bedraagt 87 duizend ton (2013: 95 duizend ton). De afname van 9% wordt verklaard door de verdere uitvoering van de Towage strategie, waarbij activiteiten zoveel mogelijk in joint ventures worden ondergebracht. Medio 2014 heeft Boskalis met SAAM S.A. uit Chili twee joint ventures gevormd, onder de gezamenlijke naam SAAM SMIT Towage, voor het gezamenlijk voortzetten van de havensleepactiviteiten in Brazilië, Mexico, Panama en Canada. Met ingang van het derde kwartaal zijn deze activiteiten conform IFRS11 gedeconsolideerd en zijn deze niet meer in de rapportage inbegrepen.

Toegevoegd aan Mijn verslag Voeg toe aan Mijn verslag